Sociaal-Liberaal Manifest - Vervolg toelichting 9

Regentenmentaliteit & AWB

De lieden die na de „woelingen” van de jaren zestig op de kussens zijn gekomen hebben als nieuwkomers de ergste regentenmentaliteit ontwikkeld die maar mogelijk is. Hun weerzin tegen een direct gekozen Burgemeester (al is het nu niet het allerbelangrijkste wat er moet gebeuren) is helaas symptomatisch voor hun angst dat iemand anders ooit met de middelen die zij hebben gebruikt weer aan de macht zou komen. Vandaar hun dichttimmeren van procedures en wetgeving die de burger meer betrekken bij de inrichting van het land en waarbij hij zijn positieve en negatieve reaties zou kunnen geven. Voorbeelden zijn de vele artikel-19 beslissingen, ad hoc beslissingen vaak geheel contrair met de opzet van bestemmingsplannen, waarbij het beroep op de provinciale goedkeuring in feite niet meer bestaat (die wordt namelijk als één geheel met de gemeentelijke beslissing beschouwd). Een algemeen huiveringwekkend voorbeeld van het onmondig maken van de burger is de AWB (Algemene Wet Bestuursrecht), een wet die zo troebel en vaag is dat allereerst de gemeentelijke bezwaarprocedure bij gelijke zaken telkens anders uitpakt en sterk per gemeente verschilt, terwijl in beroep steeds beter geschoolde en hogere rechters zich steeds minder inhoudelijk met de zaak willen bemoeien en steeds meer „marginaal” rechtspreken. Een andere truc van het bestuur is het zogenaamd liberaler maken van wetgeving (een mooi voorbeeld zijn de dakkapelletjes, een geliefd onderwerp van schoonheidscommissies ter compensatie van hun algemene gevoel van onmacht). Indien dat liberaler maken niet gevolgd wordt door strengere en duidelijke gemeentelijke regelgeving (die per gemeente zal verschillen) kan bij geschillen de rechter niet anders doen dan bij gebrek aan houvast de gemeente gelijk geven.
De wetgeving bevordert zo ongelijkheid en onzekerheid en arbitraire beslissingen door bestuurs-organen. Men zou verwachten dat dit in financieele zaken minder sterk zou zijn, maar toch is de Sociaal-Liberale Partij voor afschaffing van de onroerende zaakbelasting, gezien de ongelijkheden die er uit voortkomen. Deze verschillen zouden, indien ze gering waren, tussen gehele gemeenten gebillijkt kunnen worden, maar nu er volkomen arbitraire, volslagen onverklaarbare verschillen tussen de burgers in één en dezelfde gemeente ontstaan, dient de belasting afgeschaft te worden. De Sociaal-Liberale Partij is - ook afgezien van de onmogelijkheid van ook maar enigszins egalitaire uitvoering - geen voorstander van substantieele gemeentelijke (of provinciale) belastingen of de al even asociale en snelle verschuiving van directe naar indirecte belastingen die op het ogenblik plaats vindt ten koste van algemene (en culturele: monumentenzorg!) voorzieningen terwijl er meer geld dan ooit is in het land... Ook voor monumentenzorg is beter kunstgeschiedenis- en architectuurgeschiedenis-onderwijs op zijn plaats, zodat diensten zich niet angstvallig van elk (aesthetisch) oordeel onthouden en alle lelijke veranderingen billijken met het excuus dat het „historische wijzigingen” zijn. Niet alleen de privatisering maar ook de verschuiving van rijks- naar regionale uitvoering van diensten gaat ten koste van de sociaal zwakkeren. Bijvoorbeeld wanneer de Rijn-Gouwelijn moeilijk exploitabel blijkt - ook na de kapitaalsinvestering van het Rijk die al gedeeltelijk door indirecte belastingen wordt gefinancierd (we spreken dan niet eens over de kapitaalsvernietiging wanneer de Spoorwegen de lijn Woerden-Leiden opheffen - er is immers niet voldoende reizigersaanbod voor twee maatschappijen) - zullen de sociaal zwakkeren de duurdere kaartjes moeten betalen, terwijl de sociaal sterkeren zullen blijven autorijden. We spreken dan nog niet eens van de miljoenen verloren (ja, goedkope, maar toch verloren) manuren van alle reizigers die langer over de afstand Alphen-Leiden gaan doen of die veel tijd verliezen met overstappen in Gouda, zoals de forensen uit Waddinxveen die naar Den Haag of Rotterdam willen. De Sociaal-Liberale Partij zou een rentabiliteitsstudie willen van een eventuele snelle directe spoorverbinding Alphen-Waddinxveen-Zoetermeer-Den Haag en Alphen-Waddinxveen-Rotterdam, zodat de lijn Alphen-Boskoop-Waddinxveen-Gouda na Waddinxveen drie aftakkingen krijgt, naar Gouda, Rotterdam en ’s-Gravenhage.